Naar inhoud
Nieuwpoort homepage

U bent hier: Nieuwpoort > Inwoner > Cultuur > Patrimonium > Kunstwerken

Kunstwerken

Le vent souffle où il veut (Kromme Hoek)

Op 8 april 2011 werd het kunstwerk 'Le vent souffle où il veut' van de Franse kunstenaar Daniel Buren op de Kromme Hoek ingeplant. Vanaf dan kan iedereen van het unieke en kleurrijke uitzicht genieten: wandelaars en fietsers langs de havengeul en op de Kromme hoek, maar ook de bemanning van de boten die in en uit de geul varen. Wie tussen de masten wandelt krijgt een heel ander zicht op het werk. Het imposante kunstwerk bestaande uit honderd vlaggenmasten met daaraan evenveel windhanen was een van de blikvangers van Beaufort03 en prijkte toen op het strand van De Haan. Met dit werk wilde Buren een bos creëren waarin kinderen kunnen spelen en wandelaars vertoeven. Hij koos voor tien verschillende kleuren uit het RAL-spectrum en liet deze in alfabetische volgorde aan de masten monteren: donkerblauw over paarsachtig rood naar weidegroen. Alle kunstwerken van Daniel Buren zijn zogenaamde in-situ werken: ze komen tot stand als reactie op of in relatie met hun omgeving. Het werk 'Le vent souffle où il veut' komt enkel tot zijn recht in de buitenlucht, de windhanen komen tot leven in de wind, het bos kan enkel buiten ingeplant worden.

Le vent souffle où il veut

IJzergedenkteken (Iepersluis)

Het Ijzergedenkteken van Pieter Braecke stelt een vrouw voor die, boven een hoge zuil, afgewend van de vijand, de Belgische kroon beschermend in haar handen houdt. De vier figuren rond het gedenkteken verbeelden de weerstand, voorgesteld door een blinde, een gekwetste, een zieke en een weerbaar soldaat. Het werd ingewijd aan het sluizencomplex op 26 oktober 1930.

IJzergedenkteken

Vissersmonument (Kaai)

Dit monument herinnert aan de op zee omgekomen vissers. Het is gemaakt door beeldhouwer De Soete. Op tweede Pinksterdag is het monument een trefpunt voor de jaarlijkse hulde aan de op zee omgekomen vissers.

Vissersmonument

Beeld Karel Romaan Berquin (beiaardtoren)

Karel Romaan Berquin was één van de belangrijkste historici die Nieuwpoort rijk was. Hij was een groot voorstander van het oprichten van een "museum van geschiedenis en folklore" in de stadshallen. Het beeld staat aan de voet van de beiaardtoren, vlakbij het huis waar Karel Romaan Berquin altijd gewoond heeft. Vroeger was  de horlogewinkel "Berquin" er gevestigd, met een groot uurwerk aan de gevel. De zaak werd na zijn dood verdergezet door zijn zoon Paul en later door zijn kleinzoon Karel.

Karel Romaan Berquin

Searching for Utopia (Zeedijk)

Artistieke duizendpoot Jan Fabre maakte het beeldhouwwerk Searching for Utopia voor de kunsthappening 2003 Beaufort. Het thema van de triënnale was “kunst aan zee”. Jan Fabre maakte daarom een enorme schildpad op basis van brons waarop hij zichzelf afbeeldt als een soort ruiter. De kunstenaar benadrukt het feit dat de mens zijn hele leven lang blijft zoeken naar Utopia.

Searching for Utopia

Brits Monument (tegenover Albertmonument)

Op de parkeerplaats van het Koning Albert Monument bevindt zich het Britse Monument. Dit monument herdenkt 566 Britse soldaten die sneuvelden tijdens de Slag om Antwerpen in oktober 1914 en tijdens de IJzerfrontgevechten in juli 1917. De namen van de gesneuvelden zijn gegraveerd op bronzen platen die aan de zijden van het monument zijn aangebracht. Het monument bestaat verder uit een witte obelisk die bewaakt wordt door drie liggende leeuwen.

Brits Monument

De Poolreiziger (Havengeul)

De Poolreizeiger is een kunstwerk van Freddy Cappon (2007). Hij kreeg als opdracht een werk te maken rond Dixie Dansercoer, de Nieuwpoortse poolreziger, omdat hij vertrok uit Nieuwpoort richting Antarctica met de Euronav Belgica. Het werk symboliseert de eenzaamheid, het alleen zijn en de uitgestrektheid van het heelal.

Het kunstwerk is 6 meter hoog en 3 meter breed, gemaakt in cortenstaal. De pilaren strekken zich hoog uit en met de poolcirkels vormen ze een cirkelboog of Arc. De ingebeelde weg die Dixie doorkruist met zijn ski’s, alleen met zijn gedachten en gevoelens, strekt zich uit richting hemel.

De Poolreiziger

Maurits Van Nassau (Prins Mauritspark Nieuwpoort-Bad)

Maurits van Nassau, ofwel Prins van Oranje (de zoon van Willem Van Oranje), versloeg de Spanjaarden tijdens "De Slag van 1600" in Nieuwpoort.

Het beeld van de leider van de Nederlandse troepen staat in het Mauritspark, of het Keunepark, vlak naast de Havengeul.

Maurits Van Nassau

Godin van de Wind (Loodswezenplein)

De Godin van de Wind van Antoon Luyckx beeldt een vrouw uit, turend naar de zee, afwachtend, hopend, denkend aan een verdere bestemming... Talrijke interpretaties zijn mogelijk. Dit beeld is een waardevolle aanwinst voor ons patrimoniumen en weet bovendien de vele wandelaars te bekoren.

Godin van de Wind

De Grote Steenarend (Onze-Lieve-Vrouwekerk)

Het bronzen kunstwerk De Grote Steenarend is gemaakt in 1996 door Leo Camps voor de Nieuwpoortse openluchttentoonstelling Kunst rond de Torens.

De Grote Steenarend

Jeanne Panne (Willem de Roolaan)

Jeanne de Deyster, beter bekend als Jeanne Panne, de heks van Nieuwpoort,  werd op 16 mei 1650 veroordeeld tot de brandstapel.

Haar vader Jan de Deyster, uit Sint-Joris, had al de naam een tovenaar te zijn. Jeanne de Deyster trouwde in 1617 met Jan Panne. Jan Panne was bakker en baatte een bakkerij uit in de Sinte-Mariestraat, de huidige Recollettenstraat. Het was een vruchtbaar huwelijk, Jeanne bracht elf kinderen ter wereld. Jeanne was niet ongeletterd. Ze was een gewiekst handelaarster die het niet als een zwaar vergrijp beschouwde de belasting op de tarwe te ontduiken.

Haar man overleed toen ze vooraan in de vijftig was. Ze verloor tien van haar kinderen, ze stierven een natuurlijke dood. In 1650 was alleen Joorkin nog in leven.

De natuur had haar ook niet verwend. Ze had geboortevlekken aan de slapen en op de dij, haar lichaam vertoonde sporen van ettergezwellen en onder haar rechter wenkbrauw had ze “een roode ronde pleck”.


In 1648 stond Jeanne Panne op het punt te hertrouwen met Frans de la Banst uit Pervijze. De ondertrouw had reeds plaatsgehad en de tortels vierden dit bij kaarslicht. Ze stond op en ging, zonder een woord te zeggen, in het donker naar de winkel waar ze een korte tijd bleef. Voor zich uitstamelend kwam ze terug in de kamer en vertelde aan haar verloofde dat de geest van haar overleden man haar stom zou maken indien ze hertrouwde. Het huwelijk bleef uit.


Het waren ongetwijfeld Jan Jacobs en de moeder van Ryckewaert Schroo die Jeanne Panne als heks aanklaagden. Zowel Ryckewaert Schroo als de dochter van Jan overleden na een bezoek van Jeanne.Na haar aanhouding werd ze op 10 mei 1650, door de burgemeester en schepenen, naar de pijnbank verwezen. Vooraleer ze op 12 mei in de halsband geplaatst zou worden, werd ze nog onderzocht door de heer Andries “exploicteur criminele der stede Brugge” die onder haar rechter wenkbrauw een ronde vlek ontdekte die ongevoelig bleek te zijn voor de speldenprikken die hij aanbracht. Het stigma diabolicum, het teken dat Jeanne Panne een pact gesloten had met de duivel, was gevonden. Na een laatste poging de duivel uit te drijven, werd Jeanne Panne om 11 uur ’s avonds in de halsband geplaatst.
Nadat ze op het heilige kruis gezworen had aan de duivel te verzaken en de genade van god afgesmeekt had, werd Jeanne Panne op 13 mei 1650 uit de halsband verlost.

Op 14 mei bevestigde zij “libre ende buuten torture” haar bekentenissen. Nog dezelfde dag werd ze veroordeeld tot de brandstapel. Het vonnis werd uitgevoerd op 16 mei 1650. De kosten van het proces vielen ten laste van de veroordeelde, haar goederen werden geconfisceerd.

Jeanne Panne

De Golven (Havengeul)

Dit kunstwerk aan de havengeul is een werk van Roland Patyn. Twee golven in staal, waarvan de componenten onderling verwisselbaar zijn, kunnen tot een groot aantal vrije composities gevormd worden. Deze losse vormen weerspiegelen in hun samenspel de oneindige wendbaarheid van de zee. De golven verwijzen in vorm en onderlinge beweeglijkheid naar het element water. Ze zijn vervaardigd uit cortenstaal.

De Golven

Borstbeeld Floribert Gheeraert (Hendrikaplein)

Floribert Gheeraert was van 1947 tot 1970 burgemeester van Nieuwpoort. Tijdens zijn ambtperiode kwam de aanhechting van Nieuwpoort-Bad tot stand.

Het beeld op het Hendrikaplein werd op 4 juni 1999 ingehuldigd.

Floribert Gheeraert

Pieter Braecke in het stadspark (Leopoldpark)

De Nieuwpoortse beeldhouwer Pieter Braecke leefde in het begin van de vorige eeuw. Hij behoorde tot de besten van Europa. Toch bleef deze kunstenaar relatief onbekend. Zijn eigenzinnigheid zorgde voor spanningen met andere kunstenaars (Victor Horta bleef hem echter altijd trouw).

Het werk van Pieter Braecke wordt gekenmerkt door een streven naar zuiverheid. Kunst en Schoonheid waren voor hem een godsdienst geworden. Zijn zeer eclectisch werk getuigt van de stijl en vormevolutie van zijn tijd en van de overgang tussen het neoclassicisme, de art nouveau en de art deco.

Pieter Braecke in het stadspark

Ontmoeting (sportpark)

Fernand Vanderplancke specialiseerde zich in het ontwerpen en vervaardigen van metaal-, polyester-, brons- en houtsculpturen, zoals dit werk in het sportpark.

Ontmoeting

Het Gezin (stuiverwijk)

Ook dit kunstwerk is van de hand van Fernand Vanderplancke.

Het Gezin

Guido Gezelle (Guido Gezelleplein)

Dit stalen kunstwerk is vervaardigd door Martine Platteau.

Op het werk staat de volgende tekst van Guido Gezelle: "Ons leven vloeit, ons leven spoeit; met een getij, zijn we voorbij."

Guido Gezelle

Ode aan het water (Kerkplein)

Sinds 1995 vind je in het kleine parkje op het kerkplein dit kunstwerk van Fernand Vanderplancke. Het is een abstract werk, gemaakt in brons. Vanderplancke haalde hiervoor zijn inspiratie uit de natuur: het stelt een waterplant voor die openbloeit.

Ode aan het water

Het Vissersbeeld (Coppietersstraat)

Het Vissersbeeld uit terracotta van kunstenaar Gause is een erkenning aan de Nieuwpoortse vissersbevolking.

Het Vissersbeeld

Wenende Vrouwen (P.J. Braeckelaan)

Dit werk is een afgietsel uit 1989 van kunstenaar Fernand Vanderplancke.

Wenende Vrouwen

Kunstenaar Pieter Braecke is wellicht één van de bekendste inwoners van de stad Nieuwpoort.  Opgeleid aan de Koninklijke Academies voor Schone Kunsten van Brugge en Leuven, en nadien in de Brusselse ateliers van beelhouwer-ornemanist Georges Houtstont en beeldhouwer Paul de Vigne, vestigt Pieter Braecke zich op zijn beurt in de hoofdstad, waar zijn goeie vriend, de art nouveau-architect Victor Horta, het reeds bestaande atelier in 1901 uitbreidt met een woonhuis.
Pieter Braecke leverde vooral 'architecturaal' beeldhouwwerk af, geïntegreerd in openbare gebouwen zoals de Koninklijke Militaire School en de Triomfboog van het Jubelpark, of kerken in Brussel, Oostende en Nieuwpoort.  Na de eerste wereldoorlog legde hij zich toe op de realisatie van herdenkingsmonumenten.
Teneinde van zijn levenswerk een tastbare getuige na te laten schenkt hij aan het stadsbestuur tal van oorspronkelijke gipsen modellen van zijn beelden.  
In augustus 1938, slechts enkele weken voor zijn overlijden, brengt hij een bezoek aan het museum dat zijn naam droeg, gevestigd in de bovenzaal van de stadshalle.  Kort na het uitbreken van de oorlog echter, wordt de stadshalle getroffen door een vliegtuigbom en wordt de verzameling gipsen beelden zwaar - ten dele onherroepelijk - beschadigd.
Dankzij bijkomende schenkingen van zijn weduwe in 1951, slaagt de toenmalige stadsconservator K.-R. Berquin erin om in 1956 een nieuw Braecke-museum open te stellen in het heropgebouwd Hôtel de l'Espérance, thans beter gekend als 't Kasteeltje, op de hoek van de Langestraat en de Hoogstraat.  Omstandigheden leiden in 1972 tot de definitieve sluiting van dit museum, waarop de gipsen beelden worden opgeslagen in de kelder.
In 1988 slaagt archivaris-conservator P. Bourgois erin de luister van deze collectie te evoceren tijdens de 16de Culturele Veertiendaagse, in een tentoonstelling met enkele nog gave gipsen beelden uit eigen collectie, een aantal beelden en voorwerpen in bruikleen en een uitvoerige fotoreportage waarin een goed beeld van de omvang van de verzameling wordt weergegeven.

Twintig jaar later, in 2008, startten de kunsthistorici-archeologen Catheline Metdepenninghen en Marcel Celis, beiden erfgoedconsulenten bij het Agentschap Onroerend Erfgoed van de Vlaamse Overheid, met medewerking van stadsarchivaris Walter Lelièvre een wetenschappelijk onderzoek naar dit kunsthistorisch belangrijke ensemble. Het onderzoek zal in het voorjaar 2010 resulteren in een lijvige monografie over Pieter Braecke en zijn legaat aan Nieuwpoort, in de reeks M&L Cahiers.

Wat de verzameling gipsmodellen betreft diende niet alleen de merkelijke verslechtering van hun staat van bewaring te worden vastgesteld, maar ook de spoorloze verdwijning van meerdere beelden en modellen 'in overheidsbezit'.
Om de monografie over Pieter Braecke in de mate van het mogelijke tot een goed einde te brengen, is hun tracering en identificatie nochtans essentieel.

Derhalve lanceren de stadsarchivaris van Nieuwpoort en de auteurs van de monografie, met alle begrip voor mogelijke omstandigheden waarin deze objecten van plaats en eigenaar zouden zijn veranderd, een dringende oproep naar informatie met betrekking tot de huidige bewaarplaats van de beelden en modellen, waarvan de foto gevoegd is bij dit artikel.
De foto's dateren zoals vermeld uit 1988, en worden gestaafd door gedetailleerde inventarisfiches in het bezit van het Stadsarchief Nieuwpoort. Ook een aantal beelden die destijds tentoongesteld werden in ’t Kasteeltje en in het stadhuis, zijn inmiddels spoorloos.

Inlichtingen over deze en andere kunstwerken van Pieter Braecke en over zijn familie kunnen bijdragen tot dit boekwerk en zijn van harte welkom bij de stadsarchivaris W. Lelièvre op het stadhuis - T 058 92 92 19

Vorige maand Volgende maand mei 12
ma di wo do vr za zo
  1 2 3 4 5 6
7 8 9 10 11 12 13
14 15 16 17 18 19 20
21 22 23 24 25 26 27
28 29 30 31      
Schrijf je in Cultuuragenda 14-18